De SEO-R2 is een instrument dat wordt gebruikt om het niveau van emotionele ontwikkeling in kaart te brengen bij mensen met een verstandelijke beperking. Het meet functioneren op 13 domeinen (zoals omgaan met emoties, communicatie, spelontwikkeling) en koppelt deze aan vijf ontwikkelingsfasen (van 0 tot 12 jaar ontwikkelingsleeftijd). Het doel is om begeleiding beter af te stemmen op de emotionele behoeften van de cliënt.
De VABS meet adaptief gedrag: de praktische, sociale en communicatieve vaardigheden die nodig zijn om zelfstandig te functioneren. Het instrument is onderverdeeld in vier domeinen (communicatie, dagelijkse vaardigheden, socialisatie en motoriek), elk met subdomeinen. Het wordt vaak gebruikt bij diagnostiek van ontwikkelingsachterstanden.
De ComVoor is een communicatiediagnostisch instrument voor mensen met autisme. Het onderzoekt of iemand informatie kan verwerken op presentatieniveau (herkennen van vorm, kleur, materiaal) en representatieniveau (begrijpen van betekenis). Dit helpt bij het kiezen van passende ondersteunende communicatievormen zoals pictogrammen of gebaren.
De Snijders-Oomen Niet-verbale intelligentietest (SON-R 2-8) is een IQ-test voor kinderen van 2 tot 8 jaar. De test meet cognitieve vaardigheden zonder gebruik van taal, wat het geschikt maakt voor kinderen met taalproblemen of een verstandelijke beperking. Het bestaat uit performale en redeneertaken.
Prikkelverwerking verwijst naar hoe het zenuwstelsel zintuiglijke informatie verwerkt. Binnen KIO wordt gewerkt met modellen zoals de prikkelwaaier en de ZiP-bril (Zintuiglijke Informatieverwerking en Persoonskenmerken). Er wordt aandacht besteed aan onder- en overprikkeling, en hoe dit gedrag beïnvloedt. Er zijn trainingen en tools zoals de prikkelwijzer en videobeelden om gedrag te analyseren en begeleiden.
Psycho-educatie is gericht op het vergroten van inzicht in eigen gedrag, emoties en diagnoses. Binnen KIO wordt dit toegepast bij bijvoorbeeld trauma, emotieregulatie of rouw. Er wordt gebruikgemaakt van visuele hulpmiddelen (zoals de vulkaanmetafoor bij boosheid) om complexe gevoelens begrijpelijk te maken.
Poptalk is een methodiek waarbij met behulp van poppetjes en materialen gesprekken worden gevoerd over gevoelens, gebeurtenissen of relaties. Het is visueel en laagdrempelig, en wordt veel ingezet bij rouwverwerking. Kinderen kunnen hun beleving uitbeelden, wat helpt bij het verwerken van verlies en het uiten van emoties.
VIT is een methodiek waarbij video-opnames van interacties tussen begeleider en cliënt worden geanalyseerd. Het doel is om sensitief en responsief handelen te versterken. Het wordt gebruikt om de kwaliteit van zorg te verbeteren en de relatie tussen cliënt en begeleider te verdiepen.
Deze methodiek wordt gebruikt om vroegtijdig signalen van spanning of ontregeling bij cliënten te herkennen. De alertheidschaal helpt bij het inschatten van het spanningsniveau, terwijl het signaleringsplan beschrijft welke interventies op welk moment nodig zijn om escalatie te voorkomen.
BIM is een lichaamsgerichte methodiek waarbij muziek wordt ingezet om contact te maken en ontwikkeling te stimuleren. Het richt zich op mensen met ernstige meervoudige beperkingen. Muziek wordt gebruikt om emoties te reguleren, interactie te bevorderen en zintuigen te prikkelen.
ReAttach is een kortdurende, niet-belastende interventie gericht op het verbeteren van stressregulatie, emotieregulatie en persoonlijke groei. Het wordt toegepast bij cliënten met trauma, hechtingsproblematiek of ontwikkelingsstoornissen. Binnen KIO wordt het ingezet door gedragswetenschappers.
Tekenpraat is een methodiek ontwikkeld door Jason Meijer en Peter Vermeulen, gericht op gespreksondersteunend tekenen met kinderen en jongeren. Het biedt een praktische aanpak voor ouders en professionals die werken met jongeren die moeite hebben om hun gevoelens en gedachten te verwoorden. Door samen te tekenen, ontstaat er een visuele dialoog die helpt bij het uiten van emoties en het vinden van oplossingen.